De prijs van Nederlandse wijn

Nederlandse wijnen zijn tegenwoordig voor het overgrote deel prima. Door het hele land kom je wijngaarden tegen, van noord naar zuid en van oost naar west. De wijnen passen mooi in de trend van ‘koop lokaal’, de transportlijnen zijn kort; je kunt ze zelfs ter plekke bij de wijnboer gaan kopen. Daar komt bij dat de druiven op duurzame wijze geteeld worden. De meest gebruikte druivenrassen in ons land zijn namelijk rassen die nauwelijks met fungiciden (chemische middelen tegen schimmelziekten) gespoten hoeven te worden vanwege hun meeldauwtolerantie. Deze rassen zijn speciaal voor ons noordelijke, relatief koele en vochtige klimaat ontwikkeld. Er zitten dus vele voordelen aan het drinken van Nederlandse wijn. Toch zijn er nogal wat mensen die redeneren: voor die prijs heb ik drie flessen uit Zuid-Afrika.

Het klopt dat je zelden Nederlandse wijnen onder de 10 euro vindt. Ze zijn het echter waard om er de gevraagde prijs voor te betalen. Ik zal dat uiteenzetten met uiteenlopende argumenten. Een van de belangrijkste vind ik ‘kwaliteit kost geld’. Dat geldt natuurlijk voor alle wijnen. En niet alleen voor wijnen, maar voor alle producten en diensten.
In dit verband wil ik wijzen op een uitstekend artikel van wijnjournalist Karin Leeuwenhoek, waarin ze uitlegt waarom goede wijn, waar ook vandaan, niet goedkoop kán zijn. https://vinoblogie.nl/goedkope-wijn-deel-1/

Waarom zou je toch kiezen voor die Nederlandse wijn?

Kwaliteit en zorgvuldigheid kosten geld.

Hoe lager de opbrengst per hectare, hoe geconcentreerder het sap  van de druiven en hoe beter de wijn. Als je veel oogst van een hectare, kun je je wijn uiteraard goedkoper verkopen, maar heeft deze minder smaak, minder diepgang. Handwerk kost menskracht en veel tijd. Handmatig snoeien, handmatige pluk, de rijpheid controleren, de druiven selecteren: dat kost allemaal tijd en arbeid.

Goede wijn wordt gemaakt onder de meest hygiënische omstandigheden. Dagelijks de wijnkelder brandschoon houden gaat niet vanzelf.

Ook kosten goede kurken nu eenmaal meer dan slechte kurken 😊

Koop lokaal!
Als je voor meer duurzaamheid gaat en het net als ik belangrijk vindt je eten en drinken uit je eigen omgeving te kopen, zou dat dan eigenlijk niet ook voor je wijn moeten gelden? Moet je die dan wel van de andere kant van de wereld laten komen?

Gezondheid
Het is bizar, maar op het etiket van een wijnfles hoeft niet te staan wat er precies in zit. We weten dus niet wat we aan ongezonde chemische stoffen binnen krijgen. Beter kun je je wijn kopen bij iemand die je kent, van wie je weet hoe hij werkt, aan wie je een vraag kunt stellen. In het algemeen wordt Nederlandse wijn gemaakt van nieuwe, meeldauwtolerante rassen, die veel minder met chemische middelen gespoten hoeven te worden. Beter voor onze gezondheid dus!

Kleinschaligheid
In Nederland zijn de wijngaarden klein, de meeste slechts enkele hectaren. Je kunt dat niet vergelijken met de enorme wijnbedrijven in vele andere landen, die soms honderden hectaren groot zijn. Daar kan men door schaalvergroting zeer efficiënt werken en loont het de moeite om grote machines en apparaten aan te schaffen voor wijngaard en kelder.
Bij kleinschaligheid is dit natuurlijk niet het geval. Daar staat tegenover dat de wijnboer veel meer aandacht voor zijn product heeft (“Ik ken zo ongeveer elke druivenstok”).

Arbeid
In landen als Zuid-Afrika en de Zuid-Amerikaanse landen is arbeid goedkoop. Helaas weet je meestal niet precies hoe de arbeidsomstandigheden voor de arbeiders zijn. Bij de Nederlandse wijnbedrijven hoef je je daar geen zorgen over te maken.
Het gebruik van kunstmest of chemische bestrijdingsmiddelen in de wijngaard en het verspreiden hiervan met machines, kost minder uren dan het inzetten van alternatieve middelen voor groei en bloei en al deze werkzaamheden met de hand doen. Bij de oogst kan een wijnboer machinaal alles in een keer oogsten. Als hij kiest voor selectie in de wijngaard en slechts plukt wat rijp is zal hij verschillende malen door de wijngaard moeten gaan om te bepalen wat rijp is, of wat juist onrijp is of aangetast.

Grond
De Nederlandse grond is weliswaar niet zo duur als die van een grand cruwijngaard in Bourgogne, maar als je het mondiaal bekijkt heeft Nederland relatief dure grond. Een factor die ook een rol speelt bij het vaststellen van de prijs.

Investeringen
De wijnbouw in ons land bestaat nog maar kort, het gemiddelde wijnbedrijf is rond de 20 jaar oud. Het oudste wijngoed, de Apostelhoeve, bestaat weliswaar een halve eeuw, maar de meeste wijnboeren zijn kort geleden begonnen. Het opbouwen van een wijngoed is een kostbare zaak. Behalve grond heb je druivenstokken, vele palen, kilometers ijzerdraad, hoesjes voor elk jong plantje, gereedschap om de wijngaard te onderhouden, kistjes en kratten en vast nog meer dingen die ik over het hoofd zie nodig. Een trekker met toebehoren kost een vermogen. Als je de wijn niet elders laat maken, heb je ook een kelder nodig met alle kelderapparatuur: roestvrijstalen vaten in verschillende maten, een pers, een ontsteelapparaat, een kneuzer, koelapparatuur, pompen en slangen enzovoort. Dure spullen.

Bedenk eens hoe vreemd het is, zoals Karin Leeuwenhoek in bovengenoemd artikel terecht opmerkt, om zonder naar de prijs te kijken te betalen voor een cappuccino of een verse sinaasappelsap op een terras en voor een goede fles wijn minder makkelijk geld over te hebben. Aan kwaliteit hangt een prijskaartje, meestal een geheel terecht prijskaartje. Dan heb je wel een wijn die smaakt, waar je achter kunt staan, die je tevreden stemt en die beter voor je gezondheid is.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *